Select Page

Uit de nieuwskeuken van Seven: meloenen

Uit de nieuwskeuken van Seven: meloenen

Beste lezers,

Afgelopen week wandelde ik op de Herentalsebaan en toen zag ik, op de stoep van (naar ik vermoed) een Turks winkeltje, een vrouw staan die op de uitgestalde meloenen stond te kloppen. Uit frustratie, en vooral omdat ze de blikken van mij en andere winkelende passanten door haar kleren voelde branden, vroeg ze om hulp. ‘Welke meloenen zijn goed?’ Het Turkse meisje (denk ik) antwoordde :”Dan moet u geluk hebben, mevrouw…”

Enigszins geschrokken van het antwoord zag ik ze met haar ogen draaien en in een denkbeeldige tekstballon schreef ze : “Een erg lekkere salade wordt het straks niet hè?” Het Turkse kassameisje zweeg.

Blijf maar kloppen dacht ik, geen meloen doet open. Geluk hebben is niet bij elk deurtje aankloppen, de meloen moet jou vinden.

Aan de andere kant van de straat staat een jongen in de deuropening te zoenen met een meisje. Zijn haren zitten ongewassen en nog in de wax van gisteravond. Ze waren elkaar ongetwijfeld tijdens de voorbije nacht tegen het lijf gelopen. Zij had hem gevraagd of ze samen een keer wat konden drinken, één keer klonk hem te ver weg. Dat doen we nu toch al, antwoordde hij. Nu kust hij haar alsof het hun laatste kus is. Ze kijkt hem aan met lustige ogen, ze wakkert zijn charmes. Na de kus loopt hij weg en… nee toch niet, het was een schijnbeweging. Zij sluit haar benen rond zijn middel en zoent hem nog inniger.

Ik sla het tafereeltje gade met enige weemoed in mijn lijf terwijl de vrouw aan het Turkse winkeltje nog steeds alle deuren van de meloenen af gaat. Ze zoekt liefde, een bevestiging van haar liefde in het fruit. Pas dan durft ze er een mee naar huis te nemen.

Twee deuren ernaast staat een jongen naar boven te turen. In zijn hand een helium ballon, uit het tabakswinkeltje van wat verderop. Winnie de Poeh. Hij kijkt of hij zijn liefde voor het raam ziet staan. Kijk eens uit het raam, zegt hij aan de telefoon. Een meisje leunt uit het raam en lacht naar beneden. Zij is sinds twee jaar zijn tweede zon. Hij zag haar ooit huilend op een bankje in het Te Boelaerpark zitten. Haastte zich naar de winkel en bracht haar een reep chocolade en een schouder om op te huilen. Zijn favoriete witte T-shirt zag zwart van haar mascara, die kon hij weggooien. Tegelijkertijd won hij een nieuw favoriet persoon. Sindsdien besloot hij haar te blijven verassen en besloot zij zijn dagen wat zonniger te maken.

De vrouw op de stoep van het Turkse winkeltje wil graag ook iemands zon zijn. Al is het maar voor een week. Ze is graag een net te korte, zonnige vakantie. Ze zucht en loopt weg bij het Turkse winkeltje, zonder een meloen af te rekenen. Op de weg naar huis verwarmen zonnestralen haar gezicht. Dromerige pas, kijkend naar het moois wat de wereld haar te bieden heeft. Om haar hoofd zweeft een gedachte : “Liefde is de meloenen laten voor wat het is, en er gewoon één op je af laten rollen.”

En ik? Ik denk aan een té lang weekend waarin de zon zomert op de hoofden van dagjesmensen.  Aan een weekend waarop gemis zweeft langsheen een tas koffie, de “rosse” lekker lui languit in de tuin rondjes spint en ik ’s morgens uitkijk naar de mare die voorspelbaar mijn netvlies raakt. Maar da’s graag zien, delen. Alle meloenen ten spijt is deelzaamheid dé hoeksteen van houden van.

Graag tot meer lees volgende week.

Groeten, Seven.

About The Author

mm

Wilfried Defillet schrijft al jaren als freelance-journalist en was o.a. correspondent van GvA voor het district Deurne. Hij werkt mee aan buurtbladen zoals 't Vliegerke en Borgerblad

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *