Select Page

Uit de nieuwskeuken van Seven: Gemis

Uit de nieuwskeuken van Seven: Gemis

Beste lezers,

Na een verdiende korte vakantie bekruipt me na de “indian summer” een herfstgevoel. Laat, wat mij betreft, het jaar 2020 snel voorbij zijn.

Eigenlijk zit ik mij -bij een eerste tas koffie- af te vragen hoeveel van mijn lezers deze column niet meer lezen omdat ze simpelweg niet meer onder ons zijn? Heb jij de corona-vakantiedagen samen met vrienden (bubbelgewijs) of met de kinderen doorgebracht?

Vorige week informeerde ik terloops naar de gemoedsrust van een oude vriend, wonende in het oude gedeelte van Antwerpen. Deze vrolijke levensgenieter is na het overlijden van zijn lieve vrouw een beetje een kluizenaar geworden. Soms zie ik hem een beetje doelloos in zijn stoere laarzen en flamboyante hoed door het winkelcentrum lopen.

 Als ik vraag hoe het met hem gaat  benadrukt hij steeds weer dat je niet vrolijker wordt van het gemis en er veel charme verloren is gegaan. Zijn woorden snijden telkens als een vlijmscherp zwaard door mijn ziel. Hij doet zijn ding en weet dat het leven door moet gaan. Maar leuk is het niet. Het gemis is voortdurend aanwezig. Maar goed, hij moet zich gelukkig prijzen dat hij nog een goede gezondheid heeft en zijn broek nog kan ophouden én bovenal een grote groep van vrienden en kennissen heeft die hem bijstaat.

Hoe het verder zal gaan? De tijd zal het leren. Geluk is nooit waar je het zoekt maar altijd waar je het vindt.

Ik koester nog de brief die hij mij schreef – enkele dagen na het overlijden van zijn vrouw- waarin hij me bedankte voor de belangstelling in zijn situatie.

” Ik heb zijn woorden wel vijf keer gelezen en elke keer lijkt het alsof ze zwaarder en zwaarder worden. Ik ben mij hierdoor gaan afvragen hoe ik met zo’n situatie zou omgaan. Ik heb er tot nu nooit bij stilgestaan dat mij ook zo een zwaar verlies zou kunnen treffen.

Met mijn muze heb ik immers afgesproken dat ik eerst ga en als ze het waagt eerder te gaan dat ik haar dan zal vermoorden, iets wat natuurlijk dan niet meer kan. Om maar aan te geven dat ik ervan overtuigd ben als eerste naar hel of hemel te steppen. 

Ik gebruik eigenlijk “steppen” als modewoordje, een beetje om jullie mee te geven dat ik mij aangepast heb aan de moderne verplaatsingsmiddelen.

Het tijdelijke voor het eeuwige wisselen. Wat mij betreft, op een dag dat alles wit ziet door de eerste rijm. 

Ik zou -naar alle waarschijnlijkheid- bij sommigen een groot gemis nalaten, niet in het minst bij mijn muze. Van haar zou ik een gevulde koffer meenemen -naar ergens, ‘k weet niet waar- met herinneringen aan krijsende zeemeeuwen en haar vertellingen over hoe schoon ware liefde wel is.

Ik zou haar gadeslaan -van aan de overkant-, haar raad influisteren en kracht geven. Zien hoe ze het niet over haar hart kan krijgen mijn naam uit haar contactlijst op haar smartphone te verwijderen. Meevoelen hoe haar zachte vinger over de toetsen glijdt en even halt houdt bij mijn naam. Het zou een glimlach op haar gezicht toveren, ze zou opnieuw het zand voelen tussen onze tenen, de zilte van de zee ruiken en het meeuwengekrijs horen die onze liefde bejubelde.

Het gemis.

Graag tot meer lees volgende week.

Groeten, Seven.

About The Author

mm

Wilfried Defillet schrijft al jaren als freelance-journalist en was o.a. correspondent van GvA voor het district Deurne. Hij werkt mee aan buurtbladen zoals 't Vliegerke en Borgerblad

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *