Select Page

Uit de nieuwskeuken van Seven: mijmeringen

Uit de nieuwskeuken van Seven: mijmeringen

Beste lezers,

 

Nu onze hoofdredacteur zijn enigszins verschroeide veren uit zijn derrière heeft gehaald, kunnen jullie terug genieten van mijn wekelijkse zaterdagse column op deze site. Ik ben overigens méér dan benieuwd naar zijn herinneringen na zijn vlucht -als ongevleugelde trekvogel- naar het zuiden.

Het deed mezelf terugdenken hoe ik een paar jaar geleden vol verwondering zat te luisteren naar een man van 83 (begeleid door niemand), die zich helemaal kon verliezen in klanken en ondanks zijn leeftijd, mij meenam op een reis tijdens zijn meditatieve in slow-motion soepel bewegende zang…Het is me bijgebleven want net zoals muziek ,tekenen, schilderen, beeldhouwen, boetseren is taal ook kunst. Net zoals je in en door muziek het ‘zelf’ leven geeft, zijn ook woorden de echo’s van een ziel. Voor mij voelde het als een soort trance waarin ik werd meegetrokken en zo een eigen reis beleefde. Het is zaterdagochtend en bij de koffie denk ik hoe vaak ik vlucht in de warmte van haar lichaam, mee stromend op het gemurmel van zachte klank, zoals neervallende trage regen, waarvan druppels samen vloeien in kleine straaltjes water, die d’ aarde kussen tot in golvende kleine beekjes die lijven strelen in een zachte, tedere doffe hartslag…

Buiten heerst de herfst met haar gouden bladeren en dansende letters van haar naam op tokkelende vioolsnaren, ze draagt nog de triestheid in haar ziel bij het afscheid nemen van de zomer. De milde temperaturen en in luister en rust gezeten, gaat het daglicht de schemerende ochtend raken en dwarrelen de laatste zonnestralen neer op het hart van vallende herfstblaren.

Ik nip aan een tweede tas koffie en laat mijn gedachten dwalen naar waar we samen dansen met onze schaduwen, op het ritme van gespannen leer en het zware diepe zoemen van een zomerse bijensfeer. Langzaam, loom beweegt jouw zijn in trance en onzichtbare koorden laten jou bewegen, terwijl het timbre van jouw stem vibreert in zijn totale eigen energie.

Elk gevonden, gezocht en gezongen woord, in welke kleurklank dan ook, opent jouw ziel en verbindt in een oogstrelende harmonie. Ik vraag het me af of er woorden zijn zonder tonen, zonder angst of zonder liefde, woorden geboren uit het zaad van wie we zijn? En zo maar plots uit jouw bewegend niets, pluk ik een late najaarsbloem van moeder aarde en draag haar op aan jou, als vrucht van onze ware liefde.

Lieflijk vrouwelijk, sensueel, heupwiegen de klanken van zang, traag zwevend door de ruimte. In het grijze ochtendlijke wolkendek laat ik een straaltje zon omhoog reizen, klimmend steil, omdat je zoals eb en vloed, nacht en dag, haat en liefde, dood en leven, nog hoger zou reizen dan de horizon kan reiken, om dan hemel en aarde te (ver)binden in het onafscheidelijke creërende ‘zijn’, waarin het verleden, heden, toekomst nog slechts bestaan in het totale kwetsbare NU. Alleen jouw naaktheid kan mij nog raken, omdat zij ontbloot van elke schijn leeft en geen enkel vertekend beeld in het moment heeft.
Is het niet op het hoogste punt van samen zijn dat de wereld open spat in een al omvattend mozaïsch beeld? We voelen haar warmte, proeven het vruchtbare van het leven als een vochtige dauwdruppel en vluchten in de veilige kom van haar schoot. Terwijl de nachtegaal daar buiten zijn lied zingt in de ontwakende ochtend, ebben klank en passie vervagend weg, -inéén-vloeiende beelden om plaats te maken voor een alleen thuiskomende rust, waarbij het mijn ziel is die jou knuffelt en liefdevol kust….”

Het niet aanwezige doek valt dicht, applaus weergalmt en stoelen schuiven als de zaterdagochtend zijn einde kent  …als blijvende mooie herinnering.

Mijn muze brengt me nog een kop koffie terwijl ik klaviergewijs worstel met het kip-ei verhaal van Adam en Eva. Liefde en graag zien, is dat geen verzameling van kleine dingen? Zoals een kop koffie brengen, luisteren en begrijpen net zoals er zijn als iemand je nodig heeft. Ik heb er zelf géén definitie voor van wat “houden van” is, maar mijn oma zaliger zei altijd :’Op ieder potje past een deksel’. Wist ik veel, toen als vijftienjarige met mijn hoofd vol leergierigheid, een bril en een beugel.

Maar geloof me, oma’s wijsheden : eer ze! In een poging mijn column van deze week enigszins ludiek af te sluiten, probeer ik het met deze vraag : hoe bedacht Adam in één keer dat hij ergens bij Eva hij iets -daar onderaan- moest in pluggen? Het is goed gekomen, enfin toch voor wat mijn muze en mezelf betreft. En worstelt er iemand van jullie lezers, nog met de vraag of de ware liefde ook jullie pad kruist, wel denk dan eens aan Plato, die meende dat iedereen een halve ziel heeft en men soms een leven moet spenderen aan het vinden van de andere helft.

Graag tot meer lees volgende week.

Groeten,

Seven.

About The Author

mm

Wilfried Defillet schrijft al jaren als freelance-journalist en was o.a. correspondent van GvA voor het district Deurne. Hij werkt mee aan buurtbladen zoals 't Vliegerke en Borgerblad

Leave a reply

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *